College voor zorgverzekeringen.
Directe link naar zoek. Directe link naar navigatie.

AWBZ en Wjz

De Wet op de jeugdzorg geeft een jeugdige, zijn ouders of verzorgenden, aanspraak op jeugdzorg bij opgroei- en opvoedingsproblemen. Bij een psychiatrische aandoening beoordeelt het BJZ of het kind is aangewezen op AWBZ-zorg of Zvw-zorg.

Jeugdhulp: gedragsproblemen oplossen en verminderen

De Wet op de jeugdzorg maakt jeugdhulp mogelijk. Deze kan geboden worden in de vorm van behandeling of begeleiding van de jeugdige om gedragsproblemen op te lossen of verergering ervan te voorkomen. De gedragsproblemen zijn in dit geval niet het gevolg van een psychiatrische aandoening maar het zijn psychosociale of psychische problemen.

Jeugdhulp voorziet ook in behandeling of begeleiding van anderen (ouders, verzorgers).
Ook het in kaart brengen van de gezinssituatie en het beoordelen van de veiligheid van kinderen zonder dat er een psychiatrische grondslag is vastgesteld, is jeugdhulp.

Als er sprake is van opgroei- of opvoedingsproblemen bestaat er geen aanspraak op AWBZ-zorg.

AWBZ-zorg wanneer psychiatrische aandoening oorzaak is

Als een psychiatrische aandoening de oorzaak is van de problemen en er is een psychiatrische aanpak noodzakelijk, dan is het kind aangewezen op psychiatrische behandeling (Zvw) en/of AWBZ-zorg (begeleiding). Het BJZ indiceert daarvoor. Als de problematiek ontstaat door een psychiatrische aandoening van één van de ouders, is voor behandeling van de ouder(s) in het kader van de Zvw een verwijzing door de huisarts nodig. Voor AWBZ-zorg voor de ouder(s) indiceert het CIZ.

AWBZ-zorg wanneer somatische aandoening of handicap oorzaak is

Als een somatische aandoening of een verstandelijke handicap de oorzaak is van  gedragsproblemen, kan er aanspraak op AWBZ-zorg bestaan.

Verblijf in de zin van de Wet op de jeugdzorg

Wanneer een kind (een deel van) een etmaal bij een pleegouder of een zorgaanbieder verblijft, is er sprake van verblijf in het kader van de Wet op de jeugdzorg. Het moet gaan om een passend pedagogisch klimaat. Is er geen sprake van een psychiatrische aandoening, dan komt het verblijf ten laste van jeugdzorg. Als het verblijf noodzakelijk is voor AWBZ-zorg komt het ten laste van de AWBZ. Verblijf ten laste van de jeugdzorg sluit niet uit dat in die situatie AWBZ-zorg wordt geboden. Zorg die is gericht op de opvoedings- en opgroeiproblematiek komt ten laste van de jeugdzorg. Geneeskundige zorg komt ten laste van de Zvw. Als tengevolge van een AWBZ-grondslag AWBZ-zorg nodig is, bestaat daarop aanspraak. Een pleeggezin is voor de bepaling van de AWBZ-aanspraak gelijk aan een regulier gezin.

Verblijf inclusief alle zorg in een justitiële jeugdinrichting komt ten laste van Justitie. 

Observatiediagnostiek

Van observatiediagnostiek is sprake als het BJZ meer gegevens nodig heeft voor het nemen van een indicatiebesluit. Dit is geen AWBZ-zorg.

Een jeugdige is iemand die:

  1. nog niet meerderjarig is, of
  2. meerderjarig is maar een strafmaat opgelegd heeft gekregen toen hij tussen de 18 en 23 jaar oud was, of
  3. meerderjarig is maar nog geen 23 jaar oud en voortzetting (of hervatting) van jeugdzorg noodzakelijk is, wanneer deze al gegeven werd vóór het bereiken van de meerderjarigheidsleeftijd.

Zie voor de volledige omschrijving de Wet op de Jeugdzorg.

Deze pagina is geactualiseerd op: 25 augustus 2010